Syrië - 25 september 2019

Een vergrijzende minderheid met een onzekere toekomst

Syrië – De burgeroorlog in Syrië duurt al 8,5 jaar. In die jaren kwamen ruim een half miljoen mensen om. Elf miljoen Syriërs ontvluchtten hun huizen en de helft daarvan verliet het land. Langzamerhand is het tijd om te herstellen en te herbouwen.

Ook christenen ontvluchtten het geweld, vooral toen IS steden en dorpen veroverde. Voor 2011 woonden er ongeveer 2,2 miljoen christenen in Syrië (8-10% van de bevolking). Tachtig procent daarvan is weggetrokken waardoor er nu ongeveer 450.000 christenen zijn overgebleven.

Een van de achterblijvers is pastor Abdallah (47) uit Aleppo. Zijn vrouw Aghna en hij besloten de oorlog niet te ontvluchten, maar om in Syrië te blijven en hun gemeente te dienen. “Er waren zware tijden”, vertelt Abdallah aan Open Doors. “Op een dag werd onze kerk omsingeld en werd er zwaar gevochten. Drie gemeenteleden zijn vanwege hun geloof ontvoerd, zij zijn nog steeds niet teruggekeerd.”

Ook veel jongeren vertrokken naar andere landen. Hierdoor ontwrichtte de sociale infrastructuur: ouderen kunnen niet meer op de zorg van jongeren rekenen en de kerk is nu een vergrijzende minderheid. De maroniet bisschop van Damascus, Sasmir Nassar, zei in een toespraak eerder dit jaar: “Het beeld over christenen in Syrië is dat van een ouder wordende minderheid met een onzekere toekomst”.

Gelukkig zijn er nog jongeren over. Gabi Korajian (18) woonde voor de oorlog met zijn familie in Aleppo. Ze vluchtten naar de hoofdstad en twee van zijn broers werden tijdens hun dienstplicht gedood. Gabi: “Ik was zo jong, maar onze omstandigheden maakten me oud.” Hij vervolgt: “Mijn familie leed enorm en ik kon er niets aan doen. Ik studeer nu in Damascus en ik hoop de beste chirurg ter wereld te worden. Ik wilde altijd dokter worden om mensen in leven te houden.”

Terwijl IS verslagen lijkt, blijft de onzekerheid over de ontvoerde christenen, inclusief de drie uit de kerk van Abdallah. Het kan zijn dat IS ontvoerde christenen heeft meegevoerd naar Baghouz, hun laatste bastion in Syrië. Mogelijk zijn daar ook de bekende jezuïet Dall’Oglio en de Syrisch Orthodoxe bisschop Mar Gregorios Yohanna Ibrahim. Beiden werden in 2013 ontvoerd door IS-strijders. Volgens een Open Doors-onderzoeker kunnen ze ook buiten de regio worden vastgehouden.

Pastor Abdallah maakt zich zorgen over de bevolking van Aleppo en de herbouw van de stad. Er is langdurige hulp nodig. “Veel NGO’s stoppen met hun projecten terwijl er nog zo veel nood is”, zegt hij. “Banken houden geld tegen en ook de media verliezen ons uit het oog.”

Open Doors werkt nog steeds in het land dat op plaats 11 van de Ranglijst Christenvervolging staat. Ze ondersteunt de kerk met zogenaamde ‘Centers of Hope’. Naast de gebruikelijke activiteiten van kerken wordt in een Center of Hope praktische, psychologische en sociale hulp geboden. Op dit moment zijn er zestien centra actief, maar in 2020 moeten dat er zestig zijn.

Zuster Annie uit Aleppo vertelt op de Open Doors-dag op 9 november over het ‘Center of Hope’ in Aleppo.

Gerelateerde nieuwsberichten