Van ongelovige naar pastor

Hoe de kleinzoon van een hindoeïstische priester dienaar van Jezus Christus werd


Vraagt u zich wel eens af of uw geloof uw buurkinderen inspireert? Of hoe u het juiste voorbeeld aan uw kleinkinderen geeft? Soms blijft het lang onduidelijk of opvoeding, gesprekken en (onwillekeurig) wijze lessen kinderen bijblijven. Pikken ze iets op van het voorbeeld van volwassenen uit hun omgeving of volgen ze vooral hun eigen pad? Raman zijn directe omgeving had na jaren toch impact.

Raman* groeide op in een hindoeïstisch gezin waar toverij centraal stond. “Mijn opa was een hindoeïstische priester,” vertelt Raman. “Hij offerde dieren, riep goden aan en vervloekte tegen betaling andere mensen.” Raman wilde echter niets te maken hebben met wat voor geloof dan ook.

Zwarte magie eist zijn tol

Hij is nog maar acht als Ramans vader en grootouders overlijden. Zijn moeder weigert te hertrouwen en het gezin wordt het dorp uit gestuurd. “Voorheen verdiende mijn moeder geld door het bedrijven van zwarte magie, maar nu leefden we in een hut langs de weg en hadden we niets meer.”

Na een jaar verhuizen ze naar een ‘echt’ huis, maar in dezelfde tijd wordt Raman ziek. Hij hoort kwaadaardige stemmen die hem duistere dingen toefluisteren. Ook moedigen ze hem aan om anderen en zichzelf te verwonden. “Tegen die tijd was ik ervan overtuigd dat er geen God was, want ik wist niet waarom ik zo leed.” Ten einde raad neemt zijn moeder Raman mee naar een kerk waar christenen voor hem bidden. Na een maand is hij volledig genezen en zijn moeder en zus komen tot geloof, maar Raman blijft ongeïnteresseerd in de Here God.

Van de dood bevrijd

Zeven jaar later raakt Raman zwaar gewond door een ongeluk. Twintig dagen lang balanceert hij op het randje van de dood terwijl zijn moeder, zus en hun kerkgenoten voor hem bidden. Als hij zijn ogen opendoet, noemt de pastor het een wonder, maar Raman gelooft dat niet. “Ik had overal littekens en ik moest met krukken lopen. Ik voelde me helemáál niet blij. ‘Als God me echt heeft genezen, wil ik zonder krukken lopen’, vertelde ik mijn moeder. Zij bad toen voor me en zei: ‘Je moet gaan lopen’. Dat deed ik. Binnen een week keerde alle kracht terug naar mijn benen. Op dat moment besefte ik dat Jezus Christus me had genezen.”

Nu vallen de boosaardige stemmen hem niet meer lastig, maar hoort hij de zachte fluistering van de Heilige Geest. “Dit is zo’n andere stem. Hij geeft me vrede.”
Ramans leven veranderde nadat hij tot geloof kwam volledig. Hij werkt nu als pastor, hij zet kerken op in zijn omgeving en ziet het aantal christenen groeien.

Door het aanhoudende gebed en het geloof van zijn moeder, zus en hun kerkgenoten kwam Raman tot geloof. Hun voorbeeld en toewijding leidden hem ondanks zijn koppigheid na 7 jaar uiteindelijk toch naar Jezus Christus. Hoe kunt u van de Here God getuigen in uw dagelijks leven?

*Schuilnaam