‘Bij begrafenis moesten we geld inzamelen voor moordenaars’

Dreiging op Ninevé-vlakte maakt vrouwen niet bang

“Onze koffers staan altijd ingepakt klaar. Voor het geval we weer moeten vluchten.” Dalia is verknocht is aan de Vlakte van Ninevé, haar geboortegrond in Noord-Irak. Toch blijft deze christelijke moeder van drie kinderen op haar hoede. Haar gezin moest in 2014 vluchten voor de extremisten van IS. Die zijn verjaagd, maar het gevaar is gebleven.

Hoewel het een bewolkte dag is en er een frisse bries waait, is het uitzicht op de bergen rond Bashiqa adembenemend. In dit stadje (40.000 inwoners) ten oosten van Mosul leven veel christenen te midden van moslims, jezidi’s en sjabakken. Een eeuwenoud klooster vlakbij herinnert aan de historische aanwezigheid van christenen op de Vlakte van Ninevé.

Voordat IS een kalifaat hier wilde vestigen, leefden er bijna 1,5 miljoen christenen in Irak. Vooral op de Vlakte van Ninevé en in de stad Mosul was hun aantal relatief groot. Zware vervolging en bloedige aanslagen hebben in de afgelopen decennia echter een forse tol geëist. Nu zijn er naar schatting nog 200.000 christenen over in Irak.

De enige achterblijver

Dalia kent vervolging zolang ze zich kan herinneren. Ze woont met haar man, drie jongvolwassen kinderen en een hondje in een rustige wijk van Bashiqa. “In de tuin van oma speelde ik vroeger met neefjes en nichtjes. We aten vaak bij elkaar, gingen samen naar de kerk”, vertelt ze. Maar de zoete herinnering van vroeger kan de pijn van het heden niet wegnemen. “Ik ben van mijn familie de enige die is gebleven. De rest is Irak ontvlucht vanwege de vervolging.”

De meest bittere herinnering is de brute moord op haar oom, veertien jaar geleden in Mosul. Hij werd door islamitische extremisten vermoord, als waarschuwing dat volgelingen van Jezus niet in Irak thuishoorden. “Tijdens de begrafenis van mijn oom kreeg mijn vader een telefoontje”, blikt Dalia terug. “Als hij geen geld zou betalen aan de moordenaars, zouden ze ook mijn broer vermoorden. Dus stopten we met de begrafenis en begonnen geld in te zamelen.”

Onzekere toekomst

Nadat IS in 2014 eerst Mosul had veroverd, rukte de terreurbeweging op naar steden en dorpen op de Ninevé-vlakte, met de boodschap dat christenen niet langer welkom waren. Midden in de nacht pakten Dalia, haar man en drie tienerkinderen hun tassen, om te vluchten uit hun vertrouwde huis. “Ik weet nog hoe angstig ik was”, zegt Dalia geëmotioneerd. “Hoe zou onze toekomst zijn? Tijdens onze vlucht naar Duhok, met niet veel meer dan de kleren op onze rug, heb ik de hele tijd gehuild. Maar het vertrek kon mijn geloof niet aantasten. Ik klampte me juist nog meer vast aan God.”

Eind 2017 keerde Dalia met haar gezin terug naar Bashiqa. IS was verdreven, maar hun stad was niet meer dezelfde. Huizen waren door brand verwoest, muren beklad met slogans van IS. “Zelfs in mijn eigen huis voelde ik me een vreemdeling, alsof we hier niet hoorden”, zegt Dalia. “Dat was ondraaglijk pijnlijk, ook voor mijn kinderen.”

Bijbelstudies met vrouwen

Toch weet Dalia zich geroepen juist hier de kerk te dienen. Gemakkelijk is het niet, erkent ze. “Onze koffers staan altijd ingepakt, voor het geval we moeten vluchten. Mijn kinderen waarschuw ik heel voorzichtig te zijn. Mijn dochter studeert in Mosul, waar vaak ontvoeringen en explosies aan de orde van de dag zijn.”

Ondanks die voortdurende dreiging kwam ze in beweging. Samen met andere christelijke vrouwen houdt ze Bijbelstudies. Dalia voelde dat haar geloof en zelfvertrouwen konden herstellen en groeien: “Er is geen betere plek om samen te komen dan in de kerk, er is geen betere plek om hoop te vinden dan in de Bijbel. Telkens wanneer ik me verdrietig, verdrukt of gekwetst voel, roep ik tot de Here God. Dan ervaar ik rust en vrede in mijn hart.'

Woonkamers veranderen in kleine kerken

Dalia maakte haar kerkgemeenschap tot een centrum van hoop door Bijbelstudies voor vrouwen te organiseren. Met steun van Open Doors kreeg deze groep training in het opzetten van vrouwenbijeenkomsten. “We leerden hoe we aan vrouwen in Bashiqa over de Here Jezus kunnen vertellen, en hoe wij hen in liefde kunnen dienen. We leerden hoe we contacten kunnen leggen en hoop overbrengen.”

Na de training begonnen Dalia en haar groep regelmatig Bijbelstudiebijeenkomsten voor vrouwen te organiseren. “We bieden gebed en bemoediging aan. Met succes, want vorige zomer deden ongeveer 150 vrouwen mee. Dan zie ik dat de Heilige Geest werkt. Als ik hoor dat een vrouw thuis de Bijbelstudie voorbereidt, samen met haar man en kinderen, maakt me dat heel gelukkig.”

De coronapandemie trof ook Irak. Het openbare leven werd lamgelegd, kerkgebouwen moesten hun deuren sluiten. Samen met haar vrouwengroep zette Dalia online kerkdiensten op. Woonkamers veranderden in kleine kerken. En hoewel Bijbelstudies thuis ongebruikelijk zijn onder traditionele christenen in Irak, leerden de vrouwen nieuwe vaardigheden voor hun Bijbelstudies.

Niemand weet hoe de toekomst er uitziet. In Irak zijn sinds mei de beperkingen geleidelijk opgeheven. Dalia weet dat ze in deze crisis maar een ding kan doen: op de Here God vertrouwen. “Ik breng me altijd de woorden van de apostel Paulus te binnen: ik kan alles doen door Christus, die mij kracht geeft.”